Blog, Moederschap

Viezigheid

Ik zit met mijn drie maanden oude meisje op de bank. Ze kijkt me aan met haar pretoogjes en er verschijnt een gulle lach op haar gezichtje. Meisje, wat ben je mooi. Wat ben je lief. Na de eerste moeilijke maanden kan ik eindelijk genieten van dit wondertje op mijn schoot. Want man, man, wat was het begin van haar leven zwaar.

In haar korte leventje is ze al twee keer opgenomen geweest in het ziekenhuis. Er waren allerlei fysieke problemen waardoor ze niet wilde slapen en maar blééf huilen. Op een gegeven moment kon ik niet meer, ik had geen energie meer om voor haar te zorgen. En niet alleen mijn energie was op. We hebben als gezin enorm geworsteld met de situatie. Nog steeds ben ik niet de oude. Ik heb een fikse klap van dit alles gehad en daar ben ik niet één, twee, drie overheen. Als ik alles tot me door laat dringen kan ik zo huilen. In plaats van een roze wolk voelde het alsof ik op een diepgrijze donderwolk zat.

Nu ze zo heerlijk bij me zit te lachen, met haar handje om mijn vinger, zuig ik dit genietmoment helemaal in me op. Er zit een uitgerust meisje dat zich eindelijk kan ontwikkelen en dat zichtbaar geniet van haar grote broer die gekke bekken trekt. Zachtjes aai ik over haar bolletje met pluishaartjes. Ik kus haar handje, waarbij ik me ineens gewaarword van een merkwaardige geur. Ik ruik nog eens aan haar vingertjes. Hoe kunnen die zo stinken? Het is niet dat ik haar nooit badder. Voorzichtig open ik haar knuistje en tref daar een partij vuiltjes en pluizen aan waar je ‘u’ tegen zegt. Aha, dat verklaart de stank.

Als ze later in haar bed ligt en ik de keuken aan het opruimen ben, voel ik de vermoeidheid in mijn lijf terugkeren. Het is een gevoel dat ik ken sinds de laatste ziekenhuisopname. Een intense moeheid die me voortdurend overvalt. Het liefst zou ik in bed kruipen en daar voorlopig blijven, maar duty calls. Op de eettafel staan nog drie volle wasmanden die opgevouwen moeten worden.

Terwijl ik de washandjes opstapel, denk ik aan het stinkende handje van mijn dochter en ineens dringt er iets tot me door. Op het eerste oog leek haar hand schoon, maar er zat een hoop viezigheid in. Het is een beetje hoe ik me nu voel. We zijn als gezin in rustiger vaarwater doordat ons meisje zich herstelt, maar in mijn hoofd is het nog een puinhoop. Er kleeft nog een hoop viezigheid aan me in de vorm van een gedachtenwarboel, moeheid en verdriet om wat ons allemaal overkwam. Tijd om mijn hoofd van binnen ook maar eens schoon te gaan maken, voordat het daar nog harder gaat stinken.

Ik laat de was voor wat die is en nestel mezelf onder een kleedje op de bank. Mijn ogen zijn te moe om open te houden, dus ik sta mezelf toe om ze dicht te doen. Rust, daar begint het mee. Iedereen roept al weken tegen me dat ik meer voor mezelf moet gaan zorgen zodat ik bij kan komen. Maar het is een vies babyknuistje dat me de ogen opent.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.
Foto: Unsplash

Blog, Geloof

Wie kijk jij aan deze kerst?

Het is bedtijd. Mijn zoontje ligt met zijn hoofd op mijn schouder. ‘Nu nog een liedje,’ zegt hij en begint dan spontaan een kerstliedje dat ik nog niet kende. De wijs is van het liedje ‘Kijk eens om je heen’, maar deze tekstvariant heb ik niet eerder gehoord. ‘Wil je hem nog eens zingen?,’ vraag ik hem, vertederd door zijn lieve stemmetje dat hier en daar een beetje vals klinkt.

Kijk elkaar eens aan, kijk elkaar eens aan
Steek de kaarsen aan, steek de kaarsen aan
Want wij denken en wij dromen
dat het kerstfeest weer zal komen
En wij bidden, Here God
dat de wereld lichter wordt

Later die avond zingt het liedje nog rond in mijn gedachten. En dan met name het laatste stukje. Wij bidden, Here God, dat de wereld lichter wordt. Zo’n grote-mensenverlangen in zo’n kinderkerstliedje. En ook zo toepasselijk in deze coronatijd. Alles is anders, alles is een stukje donkerder. Mensen zijn boos, eenzaam, gefrustreerd, in rouw. En de oplossing voor al deze gevoelens zit verpakt in dit kerstliedje.

Kijk elkaar eens aan, kijk elkaar eens aan.

De afgelopen tijd gingen wij als gezin door een pittige tijd met onze baby die tot twee keer toe opgenomen moest worden in het ziekenhuis. De fijne kraamtijd waarop ik hoopte was donker en grauw. Daarnaast was alles nog gecompliceerder door covid-19. Maar in het donker verschenen allerlei lichtpuntjes. We waren niet alleen. Lieve mensen om ons heen leefden mee op een manier die licht gaf. Kaartjes, maaltijden, bloemen, berichtjes, zoveel liefde en warmte. Er was zoveel verbinding ondanks de afstand door corona.

Kijk elkaar eens aan.

Ik wil je aanmoedigen om in deze tijd, die voor zoveel mensen donker is, goed rond je te kijken. Kijk eens goed om je heen wie nu een bemoedigende blik of een behulpzaam gebaar kan gebruiken. Het betekent zoveel als je gezien wordt. De wereld wordt er een stukje lichter door.

Hoe dan?

  • Bid of God je iemand op je hart wil leggen die je een kaartje stuurt om eens te vragen hoe het gaat.
  • Wil je hulp aanbieden? Stel dan een gerichte vraag, dat is makkelijker om te accepteren. Bijvoorbeeld: Zal ik een maaltijd voor jullie maken?
  • Ken je iemand die dringend toe is aan wat tijd voor zichzelf? Misschien kun je eens oppassen op haar kinderen.
  • Bid voor iemand die door een moeilijk tijd gaat. Hierdoor ervaar je meer verbinding met diegene en hier vloeit soms ook een hulpactie uit voort.
  • Bel eens in plaats van een berichtje te sturen. Soms is praten voor iemand makkelijker of fijner dan typen.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.
Foto: Unsplash

Blog, Geloven, Moederschap

Help, Heer

Met mijn baby van net 5 weken oud zit ik op de bank. Ze krijst, ze krimpt ineen en overstrekt zich. Krampjes. Ik heb al gewandeld met haar op mijn arm, gefietst met haar beentjes in de lucht en inmiddels ligt er al even een speciaal warmtekussentje op haar buikje. Het helpt allemaal niet. En dit is niet de eerste keer dat we vandaag zo zitten. Mijn kleintje wordt enorm geplaagd door pijn in haar buik, elke dag weer. Slapen is er voor haar en mij weinig bij.

We zijn al een aantal keer in het ziekenhuis geweest en zijn inmiddels de diagnoses koemelkallergie en reflux rijker. Het huilen staat me ondertussen nader dan het lachen. Zeker als ik mijn 4-jarige weer moet laten wachten tot ik een spelletje met hem ga spelen. Dat mijn huis één grote ontplofte chaos is, boeit me nog het allerminst. Het feit dat we al drie keer een magnetronmaaltijd hebben opgepiept deze week frustreert me wel. Ik wil mijn gezin graag gezond en goed voeden.

‘Help, Heer. Het is zo zwaar’, fluister ik zacht.

En dan bid ik uit radeloosheid iets wat ik nooit eerder gebeden heb. ‘Wilt U hulp sturen?’

Hulp accepteren is iets wat ik voorheen nooit deed. Mijn eerste kindje had ook een pittige start. Destijds kreeg ik hulp aangeboden. Ik zei tegen iedereen dat ik het lief vond, maar vervolgens liet ik de hulp niet toe. Ik wilde het zelf oplossen. Dat móest ik kunnen. Van mezelf. Anders schoot ik tekort. Ik moest in staat zijn alle ballen in de lucht te houden.

Inmiddels ben ik er na vier jaar achter dat dat onmogelijk is. Soms lukt het een poosje om alles smooth te laten verlopen, maar veel vaker lopen er dingen in het honderd. Ik accepteer steeds meer dat ik het niet op eigen kracht kan, dat ik God nodig heb. Maar praktische hulp accepteren kan ik nog steeds niet goed.

Nog diezelfde dag krijg ik een appje van mijn schoonzusje. Of mijn zoontje daar een keertje wil komen spelen, zodat ik wat meer ademruimte heb thuis. Dankbaar maak ik een afspraak. De volgende dag vraagt mijn zus of ze iets kan doen om ons te helpen. ‘Wil je een keer een maaltijd voor ons maken?,’ durf ik te vragen. ‘Zal ik een lekkere grote lasagne maken?,’ stelt ze voor. ‘Dan kun je er twee keer van eten. En zal ik ook boodschappen voor je doen? Stuur me maar een lijstje.’ Hartverwarmend.

Ineens glinsteren er vanuit verschillende kanten meerdere behulpzame lichtpuntjes. De vermoeidheid en de zorgen zijn niet ineens opgelost, maar ik voel me gedragen. Door de hulp om ons heen kost het me minder moeite om door deze periode heen te komen, want er ontstaat verbinding met anderen en ruimte voor wat meer ontspanning. Blijkbaar was het nodig dat ik zelf het punt bereikte dat ik om hulp kón vragen.

Een aantal dagen later luister ik, terwijl ik rondwandel met mijn jongste in een draagdoek, naar een podcast van ‘Bij Jorieke’, waarin Carianne Ros het heeft over hulp accepteren. Ze zegt dat God mensen in Zijn Koninkrijk gebruikt om andere ´kinderen´ te helpen. Daarom mag ik, en ook jij, hulp accepteren als je dit nodig hebt. De hulp van een ander komt van Hem. Hij wil zijn liefde aan ons geven, door anderen heen. Durf God erom te vragen.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.
Foto: Unsplash

Gedichten

Wonderland

In mijn wollen winterjas
stap voor stap
door het witte wonderland
Stop de t-

(Stilgezet, voordat de sneeuw zich
stromend
de Rijn in rept.)

Foto: Unsplash

Nieuws

Even uitbuiken

De opmerkzame lezer had waarschijnlijk al ontdekt dat ik op schrijfgebied wat minder heb gedaan het afgelopen half jaar.
Een zwangerschap doet rare dingen met een mens. Naast dat het me overlaadde met vermoeidheid, heeft het van mijn inspiratie gegeten.
Niet zo gek dat er dan weinig uit mijn pen komt natuurlijk.

Inmiddels is het tijd voor mij om verder uit te buiken en te genieten van mijn verlof. Even niets hoeven.

Wie weet schrijf ik de komende maanden nog wat, misschien niet. In januari ben ik sowieso weer terug. Tot dan!

Blog, Lifestyle, Moederschap

Afstand brengt ook iets moois

Met mijn fiets aan de hand loop ik richting het schoolplein. Voor het coronagedoe mochten we als moeders op het plein wachten, maar nu moeten we buiten het houten schoolhek wachten. Uiteraard op gepaste afstand.

Ik zet mijn fiets neer. Normaal gesproken raak ik altijd aan de praat met andere moeders, maar nu ben ik wat later en sta ik bijna achteraan de rij wachtenden ouders. Dat geeft me een mooi uitzicht op het tafereel dat me normaal gesproken compleet ontgaat.

De schooldeur gaat open. Aan elk van haar gehandschoende handen heeft de juf een kleutertje lopen. Achter haar volgt zich een keurig opgestelde rij van twee kleutertjes, hand in hand. Ik speur de rij af en zie achteraan het gestreepte jasje van mijn zoontje. Zodra de kindjes de moeders in het oog krijgen rennen ze allemaal naar het hek. De kinderen klinken als een kudde blatende schapen. ‘Mama, mama’ klinkt het geroep van alle kinderstemmetjes luid door elkaar, terwijl ze onrustig voor het hek op en neer bewegen. Sommige klimmen zelfs op het hek, zoals mijn eigen lammetje.

Er verschijnt een lach op mijn gezicht.

Het lijkt wel alsof ik de enige ben die hier een enthousiaste kudde schaapjes in ziet en hoort. Moeders en vaders om mij heen zijn druk in gesprek of stoppen snel hun mobiel in hun zak. Later zit ik in de tuin en hoor ik in de verte de schapen van de buren blaten. Ik denk weer terug aan het schoolplein. De afstand die we nu ervaren tussen mensen, in onze relaties en tot anders zo gewone situaties, kan ons ook wat brengen. Door afstand zie je het overzicht en vaak krijg je dan een nieuw inzicht. Je ziet wat belangrijk is of wat misschien al te lang een veel te grote plaats inneemt in je leven.

Misschien herken je het wel en genoot je tijdens de lockdown enorm van de momenten met je gezin die je anders weinig had. Of geniet je juist nu weer extra van je baan nu alle kinderen weer naar school gaan en realiseer je je dat je écht oplaadt van die werkdagen. Wie weet heb je een hobby (her)ontdekt voel je dat je een bepaalde vriendin erg hebt gemist.

Afstand helpt je om het totaalplaatje te zien, het kaf van het koren te scheiden. Het helpt je om te zien welke schapen een belangrijk onderdeel van jouw kudde vormen. Het lijkt me fijn om vaker wat meer achteraan te gaan staan. Zodat ik ontdek wat voor mij belangrijk is en dan bewust daarvoor kan kiezen. Dan brengt de afstand me in elk geval nog iets moois.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.
Foto: Unsplash

Gedichten

In mijn rommelkamer

In mijn zolderkamer
sta ik haast klem gedrukt
tussen stapels torenhoog, vergeeld of stoffig zwart
Welkom
in de rommelkamer van mijn hart

Tussen al het overbodige
nutteloze, oude koeien
vind je goud en diamanten, amethist en tanzaniet
gevangen in zwart-wit
Kleur had je nog niet

Ik oog misschien verloren
vergane glorie, getroffen door de tand des tijds
Slecht zicht, kunstgebit, mijn haren dun en wit
Als je luistert met meer dan alleen oren
is er meer, zoveel meer- als je het wil horen

Verhalen

Ultra Kort Verhaal

Het was even geleden, dus schreef ik weer eens een Ultra Kort Verhaal. Een verhaal met minder dan honderd woorden. Best een uitdaging kan ik je vertellen. Ik had er precies 99 nodig (exclusief titel)

Te Dichtbij

Bevend legt ze haar hand op de mijne. ‘Mag ik je wat vragen, lieve kind?’
Haar stem kraakt als het winkelwagentje waar ze mee rijdt.
Aarzelend knik ik.
‘Kun je die kruidenmix daarboven aangeven?’ Haar adem ruikt naar Steradent en Wherter’s tegelijk.
Op het puntje van mijn tenen kan ik precies bij het pakje bovenin het schap. Ik geef het aan haar en doe een stapje terug, om de afstand weer te bewaren.
‘Meisje, ik heb geen Corona’, glimlacht ze geruststellend.
Beleefd lach ik en vlucht dan snel het volgende lege gangpad in om discreet mijn neus te snuiten.

Gedichten, Natuur

Vliegroute

Vrije vogel, waar ga je naartoe?
Heb je een vliegroute of doe je maar?
Je strijkt hier neer
en vertrekt naar daar

Over grenzen vlieg je
in formatie, schijt aan groepsvorming
afstand houden doe je toch wel
van de mens – en terecht

Onverstoord land je
op plekken waar je eerder niet kwam
Je slaat je vleugels uit naar New York, Mallorca
Wuhan, Iran en terug naar Amsterdam

Vrije vogel, mazzelaar

Gedichten, Natuur

In de stilte

Als alles vertraagt
en we alle deuren moeten sluiten
Als we mistroostig achter glas kijken
naar de immense stilte buiten

Als alles verstilt, binnen
alleen nog herrie is te horen
Bloeit, ontpopt en heeft lak
De natuur laat zich niet verstoren

In de stilte groeit alles beter