Uit de categorie

Geloven

Blog, Geloven

Als brood in de handen van de Meesterbakker

Op het aanrecht maak ik een mooie cirkel van meel en bloem. Het meel heb ik gekocht bij een molenaar, want als je brood bakt moeten de ingrediënten van uitstekende kwaliteit zijn. Hoe beter het meel en de bloem, hoe lekkerder en mooier het brood. Voorzichtig meng ik de gist en wat zout door het meel. Daarna maak ik een kuiltje in het midden en giet er langzaam lauw water bij.

Zodra de ingrediënten goed samengekomen zijn begint het harde werk: kneden. Je kan het natuurlijk door een handige machine laten doen, maar met de hand vind ik toch beter. Brooddeeg maken, komt vrij nauw. Te kort of te lang kneden: het kan allebei je brood verpesten. Daarnaast blaas je met je handen het deeg als het waren leven in. Een groot pluspunt: je kan je sportschoolabonnement opzeggen, want man, brood kneden is een ware work-out die gewoon vijftien minuten duurt!

Na vijf minuten kneden beginnen mijn armen een beetje zwaar te worden. Voor de Heel Holland Bakt-fans onder ons: slaan met je brood zoals Liesbeth deed, is een goed idee. Hoewel je je brood dus mag slaan, moet je het wel ook met liefde behandelen. Niet op de grond laten vallen bijvoorbeeld. En als ik zo met mijn deeg als een ware bakker op het aanrecht mep, denk ik ineens aan God.

Hij is de bakker. De Meesterbakker. En ik ben het brood. Hij koos de beste ingrediënten voor mij; alle mooie karaktereigenschappen waarmee hij mij gemaakt heeft. Vol zorg koos hij ze uit en plantte ze in me, toen ik groeide in de buik van mijn moeder. Toen zag Hij al wat voor brood ik mag worden.

De Bakker kneedt. Soms heel hard, dan leert Hij mij geduld op te brengen voor mijn peutertje en dat doet soms pijn. En soms kneedt Hij heel zacht en liefdevol, als ik boos ben op mijn eigen falen en hij dan zegt: “Kom maar gewoon hier zoals je bent.”

En er zijn ook momenten dat het lijkt of mijn Bakker er even niet meer is, maar hij laat mij nooit vallen. Met liefde dekt hij me toe en laat het brood rijzen.

Terug naar mijn eigen brood. Na een aantal keer rijzen en kneden mag mijn brood eindelijk de oven in. Een heerlijke geur vult mijn huis. Mijn maag knort en ik ga op mijn knieën voor de oven zitten. De bol deeg is een prachtig rond broodje geworden. Een paar minuten later gaat de kookwekker. Ik open de ovendeur en tik op de bovenkant van het brood. Het klinkt als een knapperige korst. Met een glimlach op mijn gezicht haal ik het brood uit mijn oven.

Door kneden en kneden, hard en zacht, met liefde en geduld, word ik gevormd. Onze Bakker weet precies hoe lang hij ons moet kneden voor het beste resultaat. Bij de een voegt hij rozijnen toe, bij de ander lekkere kruiden. Hij overziet het proces en draagt zorg voor het deeg, zodat we allemaal mooie broden worden die een heerlijke geur verspreiden.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.

Blog, Geloven

De opstandingsplant

Veel zin in Bijbellezen heb ik niet en écht connecten met God lukt me niet. Ik jakker door de volgeplande dagen, entertain mijn ondeugende peuterzoon, doe het huishouden, werk en ga zo maar door. Als ik ’s avonds mijn bed instap, vallen mijn ogen direct dicht. Moe ben ik, kapot moe. Ik prevel een kort gebed voordat ik in slaap val, maar het vuur in mij lijkt niet te branden. Het voelt alsof ik uitgedroogd ben. Waar is die passie voor God gebleven? En hoe vind ik die weer terug?

Na een bomvolle dag plof ik met een zucht op de bank neer en zet de tv aan. Ik zet een documentaire aan over de Sahara. Er wordt verteld over de opstandingsplant. Misschien ken je hem wel uit films: in een droge en uitgestorven vlakte waait er opeens een uitgedroogde bol met takken langs. Zie je ‘em voor je? Die opstandingsplant lijkt dood, zonder wortels en als een bal wordt hij voortgedreven door de wind over zandduinen, over eindeloze uitgedroogde zandvlaktes. Soms rolt die bal wel honderd jaar rond, als speelbal van de Saharawind en alles verterende zon. En dan plotseling rolt hij in een klein modderpoeltje dat ontstaan is na lang verwachte regen.

Zodra hij de modderpoel raakt, gebeurt er iets bijzonders. De plant, die een verzameling van dode takken lijkt, ontspant. Hij vouwt open en zuigt zich vol met het water uit het poeltje. Daarna wacht hij op regen en zodra die valt, draagt hij vrucht. De zaadjes verspreiden zich door de wind en komen op. Als hij niet in het water staat, verdort hij langzaam weer en rolt weer voort door de woestijn totdat hij water gevonden heeft.

De opstandingsplant rolt op het juiste moment mijn leven binnen. Op een moment dat ik me moedeloos voel. Niet kokend heet, maar lauw. Niet zout, maar flauw. Ben ik afgezwakt?
“Nee,” zegt God, “je bent een opstandingsplant.”
Ik denk na, peins, overdenk en pak de Bijbel er eens bij.

Lessen van de opstandingsplant

Voel je je ook lauw, flauw en uitgedroogd? Misschien kan de opstandingsplant je bemoedigen en inspireren. Ik leerde er het volgende van: 

  • Het is niet heel vreemd om af en toe droge periodes te hebben, waarin je minder energie of verlangen hebt om met God te praten of te werken aan je geloofsleven. Je bent niet de enige.  
  • Ook al voelt het alsof je compleet uitgedroogd bent: God kan alles veranderen. Hij is het Levende Water dat door jou heen wil stromen, je wil verkwikken en laten groeien. Soms hoort een tijd van droogte erbij en kom je daarna rijkelijk tot bloei. 
  • De opstandingsplant is een volhardend ding. Hij rolt en rolt door de droge woestijn, totdat hij eindelijk water vindt. Soms duurt het wat langer voordat we water vinden. Bedenk dan dat het Levende Water altijd op ons wacht. God zal ons nooit verlaten ook al antwoordt Hij soms niet gelijk. Het water zoeken we door te blijven bidden, Bijbellezen, iemand voor je laten bidden, dankbaar te zijn en te aanbidden.  
  • Als we ons wortelen in het water, dan kan Hij zorgen dat we vrucht dragen: dat we doen waarvoor we bestemd zijn.  
  • Ook als we niet altijd die connectie met God voelen, die connectie is er wel omdat Hij ons nooit loslaat. We mogen altijd terugkomen en dan wil Hij ons weer aanraken en doorstromen. 

De opstandingsplant rolde mijn leven in en ík rolde het water in. Als ik weer een keer uitgedroogd door de woestijn dwaal, weet ik dat ik moet volhouden en me mag blijven laven aan Gods liefde. Zijn regen is dichtbij.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.

Blog, Geloven

Hij is erbij, ook in 2019

“Waar ben je dankbaar voor?” Een vraag die mijn man en ik elkaar regelmatig stellen als we ’s avonds in bed liggen. De ene keer was het een schitterende dag en kan ik dingen blijven opnoemen waarvoor ik dankbaar was. Soms was de dag intensief of loodzwaar. Een andere keer gebeurde er dingen die me tot tranen roerden of me boos maakten. Dan is het wat harder zoeken naar redenen tot dankbaarheid en kan ik het gevoel van dankbaar zijn moeilijk opbrengen.

Oudjaarsavond is uitgerekend het moment om het afgelopen jaar eens onder de loep te nemen. Waarschijnlijk ken je het aftelmoment op televisie wel waarbij je de highlights in het nieuws voorbij ziet flitsen. Zo voelt het voor mijn persoonlijk leven ook altijd een beetje op die avond. Ik zie mezelf nog zitten, een jaar eerder, onwetend wat er allemaal op mijn pad zou komen. En dan, één voor één floepen er allerlei gedachten en gebeurtenissen van het afgelopen jaar in me op en trekken ze als in een film aan me voorbij.

Waar ben jij dankbaar voor?

Misschien kreeg je dit jaar een nieuwe baan of ben je verhuisd. Heb je een nieuw project opgezet, een nieuwe hobby ontdekt of ben je een nieuwe vriend rijker. Wie weet heb je plannen gemaakt die invloed hebben op het nieuwe jaar of ben je zwanger en krijg je volgend jaar (nog) een kindje. Misschien werd je dit jaar wel moeder.

Het kan zijn dat je je niet zo dankbaar voelt voor het afgelopen jaar. Misschien ben je je kindje wel verloren of een andere dierbare. Of ben je gescheiden en voel je je juist nu eenzaam. Misschien heeft dit jaar wel een donkere rand en vraag je je af of je volgend jaar de zon wel weer gaat zien.

Hoe je er ook bij zit op oudjaarsavond, of je tienduizend redenen tot dankbaarheid hebt of als je bijna niets kunt bedenken en hoe cliché het ook klinkt: Het jaar 2018 wordt voor iedereen afgesloten en 2019 staat voor de deur. Of je nu staat te trappelen om wat komen gaat of niet vooruit te branden bent.

Ga met God

Als je overloopt van dankbaarheid voor het afgelopen jaar, geef Hem dan de eer. Hij is het die jou al dit goeds geschonken heeft. Wij danken als gezin God altijd op oudjaarsavond voor het mooie dat gebeurd is. Een prachtige traditie die ik mijn zoontje ook wil meegeven. Het is fijn om dat moment te connecten met God en met Hem nieuwe jaar in te gaan.

Misschien denk je met tranen in je ogen terug aan 2018. Ook daarmee mag je naar God toegaan. Hij wil jou helpen om de moeilijke dingen van dit jaar te dragen en te verwerken. Het maakt voor hem niet uit hoe je komt: dankbaar of bedroefd. Hij wil op oudjaarsavond bij jou zijn als je niet met blijdschap maar met pijn het nieuwe jaar ingaat.

2019

Het nieuwe jaar heeft van alles in petto. 2019 is zo onbeschreven als een leeg dagboek. Soms voelt dat lege en onbekende juist beangstigend. Wat zal het komende jaar brengen? Lief of leed? Overkomt ons geluk of komt er pijn?

Maar wie hoopt op de HEER krijgt nieuwe kracht: hij slaat zijn vleugels uit als een adelaar, hij loopt, maar wordt niet moe, hij rent, maar raakt niet uitgeput. Jesaja 40:31

Gelukkig hoeven we het nieuwe en onbekende niet alleen aan te gaan. Bij elke stap die je zet, loopt je Vader met je mee. We hoeven niet bang te zijn voor de dag van morgen, omdat Hij aan onze zijde staat en ons kracht geeft. Wat er ook gebeurt.

Foto: Pixabay

Blog, Geloven

Geef het Licht door

In het kleine vestingstadje waar ik woon, gaan in de tweede week van december de straatlantaarns een avond uit. Lampen in huis blijven die avond ook uit. De hele middag is het overal een drukte van belang ter voorbereiding. Op straat worden kleine glazen potjes met waxinelichtjes neergezet, er worden kerstlampjes opgehangen en kaarsen krijgen een plekje in de vensterbanken en buiten op straat. Het stadje is gevuld met blijheid en saamhorigheidsgevoel: het is lichtjesavond.

Als alle lichten uit zijn en het aardedonker is, worden de kaarsen ontstoken. De kleine feestlichtjes gaan aan. Een duistere decemberavond wordt helder door een zee van lichtjes. Elk huis binnen de vesting doet mee. Ook als je niet mee kunt doen omdat je ziek bent of oud. Dan helpen buren elkaar en zetten kaarsjes voor elkaars huis. Geen enkel huis is pikkedonker, overal twinkelt licht.

Albert Einstein zei: “Duisternis is de afwezigheid van licht”. Zonder ook maar enige vorm van licht zien we helemaal niets. Dan zijn we als vissen die in het diepst van de zee leven en alles enkel op de tast doen. We hebben licht nodig om elkaar in de ogen te kunnen kijken, om de schoonheid in deze wereld te kunnen zien en om goed te kunnen zien wat we moeten doen.

In onze fysieke wereld hebben we de zon, de maan en sterren die ons daarbij helpen. Zij maken scheiding tussen licht en donker. Zelfs in de nacht is het niet duister als we de theorie van Einstein aanhouden, dan twinkelen er nog ontelbare lichtjes aan de hemelboog.

In de geestelijke wereld heerst er helaas wel bij veel mensen een duisternis. Iedereen heeft wel mensen om zich heen die niet in God geloven. Vaak wat verder van je af, maar soms ook dichtbij in je familie- of vriendenkring. Deze mensen missen Jezus, het Licht. Het Licht dat de duisternis compleet weg kan spoelen, dat elk hoekje in je hart verlicht.

In Mattheus 5 zegt Jezus:
Jullie zijn het licht in de wereld. Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen blijven. Men steekt ook geen lamp aan om hem vervolgens onder een korenmaat weg te zetten, nee, men zet hem op een standaard, zodat hij licht geeft voor ieder die in huis is. Zo moet jullie licht schijnen voor de mensen, opdat ze jullie goede daden zien en eer bewijzen aan jullie Vader in de hemel.

Jezus wil ons gebruiken om mensen tot Hem te leiden. Niet alleen iemand met sprekerstalent of iemand die enorm begaafd is. Alle gelovigen: mij en jou, ons allemaal. Wow.

Terug naar lichtjesavond. Als wij ons afstemmen op het grote Licht en doen wat Hij vraagt, dan steken we van binnen ons kaarsje aan en kunnen we zelf licht verspreiden. Ons licht schijnt als we omkijken naar de oude buurvrouw die geen kaarsjes aan kan steken voor lichtjesavond, als we een zieke kerkgenoot een kaartje sturen, als we in de supermarkt naar de caissière lachen die er somber uitziet. Als we ons maar afstemmen op Jezus, dan kan hij met zijn Licht door ons heen schijnen, zodat iedereen wordt verlicht die we ontmoeten. Samen mogen we als een stad zijn die verlicht is door een zee van kaarsen.

Schijn je mee?

Foto: Unsplash – Melanie Magdalena

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.

Blog, Geloven

Een kring van gebed

‘Geweldig’, zeg ik lachend tegen mijn man. Samen lopen we de trap af, naar het hokje met de foto’s. ‘Kijk jou dan,’ begint mijn man te grinniken. Hij wijst naar de foto van ons samen in het achtbaankarretje. Ook ik begin te lachen, erg charmant sta ik er niet op. ‘Waar gaan we nu heen?’ Ik open de plattegrond van het park op mijn telefoon. ‘De houten achtbaan?’ Al snel zetten we koers naar de desbetreffende rollercoaster. Ons zoontje is een dagje elders. Met de handen compleet vrij verplaatsen we ons als twee overenthousiaste pubers van attractie naar attractie.

Op het moment dat wij intens genieten van een dagje uit, speelt er zich in Oss een groot drama af. Een groep kinderen van een dagverblijf krijgen samen met hun begeleider een verschrikkelijk ongeluk. Vier kindjes overleven dit afschuwelijke ongeval niet. Een ander kindje en de begeleider zijn gewond geraakt. Pas in de auto naar huis lees ik het op de nieuwsapp op mijn telefoon. De eerder zo vrolijke sfeer slaat abrupt om als ik met tranen in mijn ogen het tragische nieuwsbericht voorlees aan mijn man.

De rest van de middag en avond blijft het nieuwsbericht door mijn hoofd spoken. In stilte bid ik meerdere keren voor de ouders die hun kinderen zijn verloren. Wat een onbeschrijfelijk leed. Hoe kom je dat ooit te boven? Zonder God kun je dat verdriet nooit dragen. Ik bid voor troost, kracht en liefde voor de ouders die hun kindjes die avond niet meer in kunnen stoppen. De berichten op social media zijn hartverwarmend, christelijke pagina’s roepen op tot gebed voor de nabestaanden. Medemensen laten weten dat ze meehuilen, meebidden en extra dankbaar zijn voor hun kroost dat ze in hun armen kunnen sluiten. Het is niet vanzelfsprekend dat we hebben wat we hebben.

Die avond gaan mijn gedachten naar de enorme contrasten in ons leven hier op aarde. Wanneer de één hoort dat ze zwanger is, verliest de ander op datzelfde moment zijn kind. Terwijl wij eten tot we buikpijn hebben, sterft er in Afrika een kind van de honger. Als mijn man en ik tijdens een wandeling op straat een gesprek voeren over God, worden er christenen vervolgd, onderdrukt en gemarteld. Onze levens verschillen zo enorm, van voordeur tot voordeur, van persoon tot persoon.

En toch, als ik dan aan het bidden ben, aan het praten ben met mijn Vader, gaan mijn gebeden toch vaak over dat wat míj raakt. Mijn gezondheid, mijn gezin, vrienden, familie, mijn leven, mijn issues.
Waar we vroeger als kind leerden bidden voor ‘de arme kindjes in Afrika’ of ‘de zieke mensen’, lijkt dat nu bijna vreemd als volwassenen. Het voelt te algemeen, te ver van je bed. Want voor wie bid je dan concreet?

Na het ongeval in Oss werd er massaal opgeroepen tot gebed. En hoe mooi is het dat daar ook massaal gehoor aan gegeven wordt! Een enorme kring van biddende mensen staat om de betrokkenen heen. Zo’n heftig ongeluk doet ons allemaal veel. Zeker ons moeders. Maar wie bidt er ondertussen voor ernstig zieke Jannie? Jannie, die alleen in haar appartement woont in een flat in Amsterdam. Die geen kinderen heeft, bij wie niemand op visite gaat, omdat ze niet altijd even vriendelijk is. Wie bidt er voor haar en voor haar hart?

Vanaf nu wil ik, als ik bid, verder gaan kijken dan mijn eigen sores. Verder zien dan de dingen die mij alleen raken. Ik wil bidden voor de Jannies van deze wereld. Voor de christen die ik niet ken, maar die opgesloten zit omdat we dezelfde Vader hebben. Ik wil bidden voor de moeder die haar laatste restje eten aan haar kindje geeft. Ik wil bidden voor de mensen die Hem nog niet kennen. Als een kind dat bidt: Lieve God, wilt U zorgen voor de zieke mensen, degenen die honger hebben en de mensen die U niet kennen.  Troost de mensen die alleen zijn en hen die iemand moeten missen. Ik wil samen met mijn medegelovigen een kring van gebed vormen om onze medemensen heen. Zodat er voor iedereen gebeden wordt. Zodat niemand wordt overgeslagen.

Bid je mee?

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.

Blog, Geloven

Relax

Less stress, wie wil dat nu niet? Maar hoe zorg je ervoor dat je minder stress hebt? Volg de komende vier weken de FB-page of website van Power to the Mama’s en krijg wat meer grip op je leven samen met God! 

De eerste week trap ik af met een korte Bijbelstudie met het thema Relax.

De vakantie zit erop. Het werk is weer begonnen, de kinderen gaan weer naar school, naar de peuterspeelzaal of de opvang. Het is klaar met de rust.

Misschien heb je in de zomervakantie sowieso weinig rust ervaren omdat je om de haverklap kleine brandjes moest blussen, politieagent moest spelen of omdat je baby de warmte niet trok. Of gewoon omdat je als moeder constant AAN staat. Constant…

FBI-agente of mama

Stel je eens voor dat deze week alles voor jou weer begint; je werk, kinderen naar de opvang of school, allerlei clubjes, het kerkseizoen. Overal wordt ineens weer van alles van je verwacht. Welke invloed heeft dit op jou? Wat doet dit met jouw to do list? En wat doet dit met jouw gevoel van dingen móeten? Gaat jouw interne FBI-agente daar harder van werken?

Je zorgen maken is als een FBI-agente in je hoofd. Doelmatig analyseert zij hoe een situatie in elkaar steekt en verzint ze onvermoeibaar allerlei inventieve oplossingen. Die FBI-agente is een super capabel iemand. Het liefst zit ze nooit stil. Op de meest onlogische en onhandige momenten werkt ze. Midden in de nacht bijvoorbeeld. Als jij niet kan slapen, dan herinnert ze je nog even aan die ellenlange to-do list of dat probleem op je werk. Hoe houd je die FBI-agente in toom?

Stop met moeten, begin met Gods stem verstaan

De beste tip ooit is jezelf bevrijden van al het moeten. Van wie moet je elke opening, elk uitje bijwonen? Waarom moet je keukenvloer elke dag superschoon zijn? Waarom moet je elk probleem trouwens zelf oplossen?

Als je zelf zo hard aan het analyseren, werken en oplossen bent, is het lastig om Gods stem in het geheel te horen. Iets wat voor velen toch al lastig genoeg is, ook in de rust. Maar stress en spanning zijn negatieve emoties. Het zijn gevoelens die je over het algemeen (nog meer) bij God vandaan houden, omdat je zelf krampachtig bezig bent om alles maar goed te laten functioneren in de kleine hoeveelheid tijd die je hebt.

Laat alles los. Stop met doen, doen, doen en probeer te ‘zijn’. Je mag zijn wie je bent en voelen wat je voelt in Zijn aanwezigheid.

Kom tot Mij, als je moe bent. Of uitgeblust. (Naar Mattheus 11:28)

Heb jij tijd genoeg om tijd met God door brengen? Om naar Hem toe te gaan als je moe bent?

Geen uit-knop

Op het moeder-zijn zit geen uit-knop. De verantwoordelijkheid die je draagt is als een rugzak die niet af kan. Vanaf het moment dat je jouw baby voor het eerst vasthoudt tot het moment dat jijzelf je laatste adem uitblaast zal je die verantwoordelijkheid in een bepaalde mate ervaren. Een prachtig voorrecht, maar soms ook een pittige last. Zeker in combinatie met al die andere dingen die we ons opleggen. Niet voor niets raken veel (jonge) moeders opgebrand en is er tegenwoordig zoveel behoefte aan mamacoaches.

Genoeg tijd voor jezelf?
Als je te vermoeid bent om je met God te verbinden, dan betekent dit vaak ook dat je te weinig (of geen) tijd voor jezelf hebt. Weinig of geen tijd voor jezelf zorgt voor nog meer stress. Ontspannen en opladen is namelijk noodzakelijk om goed te blijven functioneren. Denk aan je telefoon die het ook geen dag redt op twee minuten opladen. 😉

God zelf rustte ook een HELE DAG nadat Hij in zes dagen de hele wereld had geschapen. Door die ene dag rust in te lassen wilde Hij ook een voorbeeld zijn voor ons.

Zorg jij goed voor jezelf?

Belofte

Als de Here Jezus ons heeft uitgenodigd om tot Hem te komen, dan zegt Hij: en Ik zal u rust geven. Als jij naar Hem toegaat en zegt: “Heer, hier ben ik. Ik kan niet meer. Geef mij alstublieft rust,” dan zál Hij het geven. Het is iets wat Hij belooft. Iets wat van jou is, omdat Hij het zegt. Zelfs in de diepste duisternis, in het donkerste dal zal Hij jou rust geven. Wat Hij belooft komt Hij altijd na.

Wat er ook gebeurt

God zal misschien niet onmiddellijk al je problemen oplossen. Met sommige dingen moeten we zelf leren dealen en die zijn onderdeel van het leerproces. Maar in de rust die je vindt als je je met Hem verbindt, is er ruimte waarin Hij tot je kan spreken en jij Hem kan horen. Waarin Hij door de Bijbel of door iemand anders heen tegen je kan zeggen: Ik ben erbij, wat er ook gebeurt en Ik heb het beste met je voor.

Want ik weet welke gedachten Ik over u koester – gedachten van vrede en niet van onheil. (Jeremia 29:11)

Foto: pixabay

 

Blog, Geloven

Geloven als een kind

“Mama, mama, mama, mama, mama,” roept mijn zoontje van twee. Over het terras komt hij naar mij toe gerend.
“Wat is er?”
“Mama, mama, kijk gevallen,” hij wijst naar zijn knie waar een minuscuul rood plekje zit. “Mama kusje.”

Ik geef een pakkerd op zijn uitgestrekte been. Vrolijk hobbelt hij weer over het terras naar zijn fiets.
Glimlachend open ik mijn boek en lees verder waar ik gebleven was.
Snelle voetstapjes komen in mijn richting.
“Mama, mama, mama,” hij duwt het boek in mijn handen opzij en trekt een gekke bek. “Mama, knuffelen, kom.”

Mama is het meest gesproken of geroepen woord in ons huis. Meestal gevolgd door een vraag of door een opmerking. Soms verwerkt in een krijs om aandacht. Het is mama voor en mama na.
Ik vind het een ware inspiratie als ik ziet hoe mijn zoontje blindelings vertrouwt op mij en zijn vader. Bij papa en mama is het veilig als je bang bent, ze helpen als iets niet lukt en hun liefde is groot. Papa en mama weten alles. Geen wonder dat hij zo graag mama roept.

Maar kleine kindjes worden groot. Pubers roepen niet zo graag om mama, niet zo stoer. Zolang ze nog thuis wonen heb je nog enigszins zicht en controle op wat ze doen. Vroeg of laat verlaten ze toch het nest. Op kamers, trouwen, misschien wel samenwonen of emigreren, dan begint het grote loslaten. Hier duurt dat nog een tijdje, maar in de tussentijd proberen we onze zoon voor te bereiden op het leven. Een leven waarin God –hopelijk- op nummer 1 staat. We lezen Bijbel, bidden, zingen, kerken en leven zo goed we kunnen het geloof voor.

Als mijn zoontje ooit het huis uitgaat, hoop ik dat hij nog steeds zijn moeder weet te vinden als hem iets dwars zit. Dat hij weet dat hij altijd welkom is, no matter what. Maar bovenal hoop ik dat hij bij alles wat hem dwars zit Papa zegt. Dat hij zijn Vader in zijn dagelijks leven betrekt, zoals hij nu mijn hulp zoekt.

Aan Hem vertrouw ik mijn zoon volledig toe. In die innige band met God wil ik zelf ook steeds meer groeien. Niet alleen in de diepe dalen of de hoogtepunten. Ook op de kleinere momenten dat ik verdriet heb of blij ben, wil ik dat hij de eerste is waar ik naartoe ga om te vertellen wat er speelt. Zijn liefde voor ons is eindeloos groot, bij Hem is het veilig.

Kom tot de Vader.  (Opwekking 599)

Foto: Unsplash

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s. 

 

Blog, Geloven

Vier de regen

Langzaam vallen de eerste druppels uit de hemel. Na al die hete dagen is de regen meer dan welkom. In plaats van naar binnen te gaan blijf ik buiten zitten. In de regen. Ik voel hoe de druppels mijn warme huid afkoelen. Ik staar omhoog naar de donkere wolk boven me en zuig mijn longen vol. Eindelijk wat verkoeling. De tuin is toe aan regen en ik ook.

In Nederland klagen we massaal als het zo heet is. Voor die benauwde hitte zijn we niet gemaakt. Werken wordt moeilijker, we slapen slechter en alles plakt. Ik klaag net zo hard als de rest. Die hitte is leuk als je niets hoeft te doen, maar anders is het flink onpraktisch. Die droogte is ook niet goed voor de tuin. Als het vroeger ging regenen zei mijn moeder altijd: ‘Wel goed voor het land.’
Ze had gelijk natuurlijk.

Soms verkeer je geestelijk ook in een periode van droogte. Ik wel in ieder geval. Dan blijf ik bidden en roepen naar God, maar dan lijkt het alsof hij mij niet hoort. Zijn antwoord op mijn hulpgeroep blijft uit. Dan is het alsof de zon verterend hard schijnt en mijn land volledig uitdroogt. Dat het zo heet is ik niet meer weet waar ik het zoeken moet.  En dan, ineens, keert Hij alles ten goede. Dan begint het te regenen, te hozen. Op dat moment raakt Hij mij aan en laat me zien welke weg ik moet gaan.

Misschien ken je dat oude liedje wel: Stromen van zegen, komen als plasregens neer. Hij wil zijn zegenregen laten stromen over ons. Vaak als mijn zorgen zijn opgelost, ga ik weer door als vanouds. Er zijn altijd wel weer nieuwe dingen om je zorgen over te maken. Het ene probleem is weg en het volgende dient zich alweer aan. Gods regen verdampt dan alweer snel in de hitte van andere problemen.

Nadat ik in de regen bleef staan hielt de neerslag niet op. Het ging de hele avond door. De volgende ochtend kom ik buiten. Het ruikt perfect, zo’n heerlijke regenlucht. Ik laat mijn vingers langs de bedruppelde blaadjes glijden. Zo’n hoosbui voedt de planten dagenlang, zodat ze rijk kunnen bloeien. Een zegen voor de natuur.

Om de een of andere reden ben ik mijn zegeningen bijna meteen alweer vergeten en blijf ik vaak hangen in het negatieve. Als ik een lekkere maaltijd heb gegeten, denk ik daar tijdens het afruimen van de tafel niet meer aan. Een flinke lachbui met een vriendin wordt al snel ondergesneeuwd door een peuterbui. En de vakantie ben ik al weer vergeten als ik weer aan het werk ga.

Zonde dat het negatieve altijd weer snel de overhand krijgt. Het is alsof wij als mens het liefste focussen om de verterende hitte dan op de regen. Vanaf nu ga ik langer in de hoosbui staan. Genieten van de rijkdom, het kleine geluk, de knipogen van boven. Ik weet zeker dat ‘mijn tuintje’ daarvan ook beter gaat groeien.

Foto: pixabay

Blog, Geloven

Wat wil God dat ik doe?

Een bekende uitspraak is: ‘Dat wat je aandacht geeft, groeit’. Kort door de bocht gaat dit over verandering: de talenten waar je energie instopt, zullen zich ontwikkelen. Die relatie waar je tijd aan besteedt, zal verbeteren. Als je jouw leven met God deelt, zul je dichter naar hem toe groeien. Oftewel: als jij je best doet, gaat er wat gebeuren en veranderen.

Daar denk ik aan als ik met mijn handen door de warme aarde in mijn tuin woel. Ik trek een paardenbloem uit de grond en gooi hem in de emmer naast me. Een paar weken geleden trof ik Ooievaarsbekjes onder een stapel puin aan. In de maanden mei en juni bloeien ze – normaal gesproken – kleine roze bloemen. Deze waren echter nog bloemloos doordat ze verdrongen werden door de stenen. Met veel zorg spitte ik wat stekjes uit en plantte ze op een zonnige plek in de tuin.

Elke dag geef ik ze water, dan wortelen ze beter. Maar al doe ik zo mijn best om die Ooievaarsbekjes te verzorgen, door al die warme dagen plopt het onkruid even enthousiast uit de grond en overschaduwt het mijn geliefde stekjes. Eruit met die rommel. Met mijn gieter geef ik de Ooievaarsbekjes een frisse oppepper. Klaar. De bloemetjes zouden binnenkort toch moeten uitkomen?

Met mijn emmer slenter ik naar het achterste gedeelte van de tuin. Met veel moeite heb ik weken geleden de grond onkruidvrij gemaakt, geharkt en ingezaaid met bloemenzaad. Mijn eigen weitje om bloemen te kunnen plukken komende zomer. Ik kijk er nu al naar uit om zo’n bosje wilde bloemen in een vaas te zetten.

Als ik echter bij mijn weitje aankom, schrik ik. “Nee!” roep ik uit als ik de aarde bekijk. Ik wenk mijn man.
“Wat is er?”, vraagt hij.
“Ik weet niet wat onkruid is.” Gefrustreerd wijs ik naar de kleine kiempjes die net boven de grond uitkomen. “Hoe kan ik dan zorgen dat de juiste bloemen wel groeien?”

Nadenkend bekijkt hij mijn veldje en haalt vragend zijn schouders op. “Ik haal alles er gewoon uit en zet er wel gewoon vaste planten in, dan weet ik in ieder geval dat het goed is,” zeg ik resoluut.
“Wacht nog even,” stelt hij voor, “misschien moet je het maar gewoon laten gebeuren.”

Een vraag die regelmatig in mijn denken de revue passeert is: ‘Wat wil God dat ik doe?’ Er komt zoveel leuks voorbij dat ik niet weet welke dingen de bloemen zijn die ik moet laten groeien en wat onkruid is. Ik ben gevraagd voor een groep voor creatieve vrouwen, maar ook voor een toneelclub. Iemand vraagt of ik een poster wil ontwerpen. Allemaal hartstikke leuk, maar aangezien ik niet alles kan, moet ik keuzes maken. Welke weg moet ik bewandelen? Welk onkruid moet ik weg schoffelen?

Misschien wil God wel dat ik heel praktisch anderen ga helpen door bijvoorbeeld regelmatig op bezoek te gaan bij iemand die ziek is. Of dat ik me volledig toeleg op het schrijven en dus gas terug neem op mijn huidige werk. Misschien moet ik wel deelnemen aan die creatieve groep, want creëren is een van de talenten die ik van God ontvangen heb én dat vind ik ook nog eens onwijs tof om te doen.

De dag na het tuinieren lees ik Prediker 11:6.
Blijf uw zaad uitzaaien, want u weet nooit welk deel zal gaan groeien; misschien komt alles wel op.

Wat een rake tekst op het juiste moment. De bloemen die mij aanspreken en die ik in mijn tuin wil zien, dat wat mij trekt, dát moet ik aandacht geven. Als ik wil schrijven, moet ik schrijven. Wanneer ik ervaar dat ik iemand moet helpen, moet ik dat doen. Als ik op schilderles wil… je snapt het wel. Wie weet worden sommige dingen niets en passen ze niet in mijn tuin. Misschien komt alles wel op. In ieder geval heb ik het dan wel geprobeerd en heb ik niet gelijk heel de tuin leeg gespit.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.

 

Blog, Geloven, Moederschap

Een prinses met een vetrolletje

Puffend sta ik voor de spiegel. Ik heb me met veel moeite in een zomers jurkje gewurmd. De rits op mijn rug kreeg ik net dicht. Het is een mooi jurkje. Op een paspop. Waarom heb ik dit ding in vredesnaam ooit gekocht? Elke bobbeltje, vetje en randje is zichtbaar. Veel te zichtbaar. Gefrustreerd stroop ik het jurkje van mijn lijf en mik het in de hoek. In no time vel ik een oordeel over mezelf: dik. Afvallen, dat moet ik. En naar de kapper, want mijn haar ziet er niet uit. Ik keer me van de spiegel af. Zonder verder na te denken, pluk ik de eerste de beste kledingstukken uit de kast en trek ze aan. Mijn haar doe ik in een vlecht, omdat het los geen gezicht meer is.
‘Kom, we gaan’, roep ik tegen mijn zoontje.

Spiegels zijn onverbiddelijk. Niets valt er te verbergen. Elk pukkeltje, ongewenst haartje, vetrolletje, alles is zichtbaar. Soms ben ik best tevreden als ik mezelf zie. Toch heb ik vaker wel wat op mezelf aan te merken. Hoe langer ik naar mezelf in de spiegel tuur, hoe meer imperfecties ik zie.

‘Naar school toe,’ zegt mijn peutertje enthousiast als we op de parkeerplaats uit de auto stappen. Samen lopen we hand in hand naar de peuterspeelzaal. ‘Kijk, mama,’ hoor ik een meisje ineens verruk uitroepen, ‘een prinses!’
Als ik me nieuwsgierig omdraai naar het kleutertje, zie ik dat ze opgewonden naar mij wijst. Haar moeder lacht naar me en aait het glunderende meisje over haar hoofd.
Ik glimlach. Een prinses. Ik. Met mijn pukkel, vetrol en dood haar. Toch ga ik wat meer rechtop lopen en de glimlach… die blijft.

Kon ik mezelf maar zien zoals dat meisje mij zag. Onbevooroordeeld, onbevangen en puur. Eigenlijk zoals God mij ook ziet: waardevol en mooi zoals ik ben. Ook al heb ik een vetrolletje, pukkel of wát dat ook.
Hij wil mij leren om mezelf te zien zoals Hij mij ziet. Geschapen naar het evenbeeld van de Koning. Blijkbaar gebruikt hij soms ook anderen om mij dat duidelijk te maken.

Deze blog mocht ik schrijven voor Power to the Mama’s.